Zoeken
  • martinv

ikwilwel 2

22 november 2020

Door het middenpad

Het spel gaat beginnen. De ceremonie is een spel, is niet real life, dat weet ik wel, maar het is leuk om méé te spelen. Toen was ik ik en jij was jou, we werden echtgenoot en vrouw, het is vooral om mee te delen.

Script Muziek: wiegeliedje van Arvo Pärt. Locatie: Rozenkerkje in Asselt Acteurs: Bruid en Bruidegom Pater Karel Weerkamp, Redemptorist en celebrant Figuranten: publiek, geen familie (behalve Albert) vrienden, kennissen, genodigden

Bij binnenkomst speelt zacht de muziek, helaas niet live, maar goed. Door zachte muziek, vooral deze, wordt iedereen stil, goed gezind, met een plechtig gevoel. De gordijnen gaan open, de “Ceremoniemeester” met uitgesproken gelijkenis met mij komt dankzij Marc naar voren, en spreekt de aanwezigen toe. Dat het tegenwoordig gewoon is geamuseerd te worden, maar dat het vandaag de bedoeling is om mee te doen, voorwaarde zelfs. Er is geen koor, jullie, wij zijn het koor. Het is één grote voorstelling, maar jullie zijn medespelers, geen publiek. Het Introïtus wordt nu voorgezongen, a capella, gelieve zo gauw mogelijk mee te zingen…

Ik wil met jou door het middenpad gaan, kijken waar we komen, onze dromen komen uit, een koen besluit, oh Heer, waar komt het uit? Oh mensen wij gaan door, wij gaan door zingen wij in koor, Oh mensen wij gaan door, Door op het middenpad, saam bis, bis, bis

Aangekomen, na de intrede, bij het altaar staat daar, in vol ornaat, plechtig, voorganger Pater Karel, een oude bekende van mij, altijd bruin, overblijfsel uit zijn tropenjaren in Brazilië. Hij heeft met ons gesproken over ons, kan goed praten, dus dat komt goed. Kan met culturen omgaan, dus iedereen in de kerk is echt welkom en wordt serieus genomen. Dat waar Cecile zo bang voor is, allergisch voor is, gebeurt niet, zij kan gerust zijn. Of ze trouwens veel mee krijgt van de hele ceremonie betwijfel ik, ze lijkt te zweven, ze zal toch niks gebruikt hebben? Doet ze nooit, heeft ze nooit gedaan, beweert ze…bezweert ze.

Dan voltrekt zich de mis. (protestanten hebben een dienst, wij een mis, begrijp ik, vanwege de hostie en sacramentsgedachte. Ik vind het prachtig, beetje antiek, maar dat ben ik ten slotte ook, antiek. Met brood heb ik wel iets, ik bak twee keer per week een brood, kneed met mijn blote handen, niks machine, geen nep. Dat daar dan Jezus in zou zitten, of God, vind ik minder, samen delen vind ik goed, eerder socialistisch, maar Allah! Brood deel ik graag met al mijn Engelen om mij heen. Dus Albert mag zingen: “Panis Angelicus”. Heerlijk, hij zingt goed, zit in de familie, we zingen allemaal. Ruud moet ik eens vragen of hij het een beetje kan, (hij lijkt van de melkboer), eigenlijk beter zijn vrouw Marja vragen, die heeft er verstand van. Maar Albert kan alle kanten op. Hoog en laag, liever breed, denk ik. Of zijn man Bert er wat van kan, er van kan genieten weet ik niet. Of dat die voor het zingen de kerk uit gaat, normaliter? (ik kon het niet laten Anny, sorry, trouwens wat is de functie van “Sorry” zeggen. Mag het dan?)

Later zingen we nog mijn versie van “Kumbaya, my Lord”, met extra, troostende stem die eroverheen zingt: Er is iemand, dag en nacht, die naar je luistert Hij houdt de wacht Hij is er altijd altijd bij je dag en nacht.

Later zing ik ook nog iets, in de zaal, nu niet. Hier gebeurt het voor mij, mijn “Alter ego” zingt voor mij. (weer heel veel Homografen, -graven? Je kunt voor iemand zingen, of brommen, snap je? En in de zaal zingen, dan lijkt die zaal eerder een gevangenis…of een verhoorkamer waar een bekentenis gedaan wordt, en dat kon wel eens kloppen) Karel gaat ook preken, voor Protestanten kern van de zaak, voor Katholieken een tijdrovend oponthoud, die willen naar de overkant, het café. Het mannelijk deel. Van de kerkgangers dan…(vreemd dat meestal vrouwen meer van de drank zijn..)

Preek

Karel begint over de metafysische mogelijkheden van kinderen en kinderlijken. Zou hij mij bedoelen? Ooit heeft hij Godsdienstlessen gegeven aan kinderen die de Eerste Heilige Communie moesten doen. Een kind had Jezus “doorzichtbaar” genoemd. Karel vond dat mooi. Typisch, de onhandigheid van een kind wordt tot metafysica verheven. Ze bedoelde vast gewoon “doorzichtig”, als een Geest. Net als kindertekeningen per definitie prachtig zijn. Onzin, meestal kan zo’n kind dat gewoon niet, anatomisch tekenen. Armen komen nou eenmaal niet uit je zij. “Kopvoeters” zijn dan wel typisch. Leer tekenen wat je ziet, niet wat je weet. Dat een tafel vier poten heeft zie je ook niet altijd, dat weet je, of je moet dat bewust doen, tekenen wat je weet, dan heet je Picasso. In de Vrije school mogen de kinderen geen gezichten tekenen, ze zijn (hun gebit bijv.) nog niet uitgegroeid, is de reden. Het tweede thema is “de deur”. Karel gebruikt graag eenvoudige metaforen. Deur dicht is goed, intimiteit, gezellig binnen. Is goed, zegt hij, maar sluit je niet af van anderen, van God. Laat de deur van je hart open staan voor God, zeg ie. Gaat wel een beetje tochten, denk ik dan. Sommige mensen slapen het liefste het raam open. Ik niet hoor. Wij slapen bloot, hè schat!

Familiebijbel

Ik moest van de Pater een Bijbel meebrengen, die we thuis hadden liggen, die we met het gezin zouden gaan gebruiken. Ik vermoed dat de man nog hele verwachtingen van mij heeft, qua gezin. Ik ben daar echter niet gerust op. Ik tel vijfenzestig lentes, mijn meisje éénenzestig… Veel gezin verwacht ik daar niet echt van. Als we het zelf redden, samen klaar komen ben ik al heel blij. Is toch bevredigend, lijkt me. Zo’n Bijbelboek heb ik wel. Door Jo ooit als cadeau gekocht, met potentie voor de toekomst. Ik kan daar in schrijven met wie ik trouw, wanneer. En welke kinderen er uit voort komen. Ik vind met name de platen van Rembrandt mooi in dat boek, een Facsimile. Ik vul het wel in hoor, net zoals ik mijn vrouw wil invullen, heel graag hoor, zelfs de eerste nacht, de bruidsnacht. Als een Roomsoes. Mijn “Snoes” als een ”Roomsoes”. Eerst een gaatje prikken, dan vullen, graag! De reis is toch belangrijker dan het einddoel, toch Anny? We hebben allebei getekend. (geen kopvoeter, wel mét haar handtekening, die van een analfabeet. CB

Ringen

Je moet dan ringen geven aan elkaar, symbool van de copulatie, denk ik. Daar vang je één vinger mee. Ik wil de hele hand, dus ik heb een koraalketting besteld bij Toos. Bloedrood, snap je? Toos snapte dat, heeft iets voor me gezocht, bij haar thuis. Ik ben benieuwd.

Kus

Dan moeten we het huwelijk bekrachtigen met een officiële zoen. Daar had ik me op verheugd, dat hebben we geoefend. Dan zeg ik, zo’n beetje als in de film: “Geef me een kusje, Kat”, en zij dan: “Heb je je geschoren, schat?” Lachen toch? Het is al serieus genoeg.



23 keer bekeken0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven