Zoeken
  • martinv

Op naar Monopolis 04

Bijgewerkt: 18 jul 2020

16 juli 2020

Mag ik me even voorstellen: mijn naam is Josefus Konings. Daar schijnt enige onduidelijkheid over te bestaan: sommigen noemen mij "van de Koning", maar zo heet ik niet. (Red: dat is natuurlijk wél hetzelfde, maar dat stond nog niet vast, dat gebeurde pas in de tijd van Napoleon, circa 1495; zijn naam werd later ver-Portugeesd: koning werd "Rey")

Voor de duidelijkheid: dit speelt in de elfde eeuw na Christus, de tijd vlak na de val van het Romeinse Rijk. In Griekenland ligt ergens een soort stad: een verzameling "Villa's" genaamd Monopolis. Ook ik volgde de weg ernaartoe.

Josefus Konings

Ik zocht een plek voor mijn plannen: een open plek in het bos, in de buurt van de stad, aan de "Via Felicitas", de weg van/naar geluk. Daar moest geld verdiend worden, vooral door mij.

Toen kwam het Circus. Een ramp? Nee, als geboren zakenman heb ik van de nood een deugd gemaakt: ik heb er een baantje gezocht en gekregen: goochelaar. Ik ken kunstjes!

En nog wat: Ik heb vriendjes, veel vriendjes. Ik noem ze wel: "mijn Kiendjes," maar dat is natuurlijk niet waar. Ik heb ze opgeleid, om in het Circus te werken: klusjes, bediening, mensen vinden dat leuk, ze doen denken aan kinderen, zijn altijd aandoenlijk. En nog wat; bekend is dat het Circus niet verdient hier, nu. De mensen zijn niet gewend aan geld, veel munten hebben ze niet. Wel: sieraden en versieringen. Mijn "kiendjes" liepen rond, achter de mensen langs en "bedienden" de mensen: flesjes water, versnaperingen. En ik leerde ze de afgeleide mensen hun zakken te rollen (red: echt waar, tot in de 20e eeuw waren dat van Circussen de grootste inkomsten...) Dus terwijl de mensen geboeid en betoverd naar de voorstelling keken, deden de "Kiendjes" hun kunstjes..


Dat ging goed, avond aan avond. Niemand had iets door. En toch kon dat niet zo door blijven gaan.

Eén persoon liet zich niet zo makkelijk betoveren, bleef altijd nuchter: het "Paardenmeisje". Ze keek ná haar optreden, vol adrenaline, terwijl ze als een klein kind tussen de gordijnen keek, naar de tribune. En opeens sprong ze op, als door een wesp gestoken, haar gerechtig-heidsgevoel kwam in opstand! Dit mocht niet, dit was fout, ze moest iets doen.

Ze sprong op, sprong de piste in en riep zo hard ze kon: "Dit mag niet, dit is fout! Mensen hou ze in de gaten, ze bestelen jullie!" Meteen kwamen alle "Kleintjes" in actie: ze renden op het Paardenmeisje af, saluerend als militairen en arresteerden als het ware de schoonheid, haar tegelijkertijd het hof makend met lieve gebaartjes. Met echte, niet gespeelde gebaren weerde het meisje zich af, terwijl de soldaatjes zongen: "Alle Menschen werden Brüder...." Onder luid gelach van het over- en bedonderde publiek.

De volgende dag was het Circus vertrokken.....

14 keer bekeken0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven